Erik Lindner

Voorgrond

 


De zee heeft de omvang van de wind

en stroomt over op het mergsteen

door de wind bewerkt voor de zee

 

een strandloper loopt langs de wind

en telt met zijn stappen

de losse delen van het zand

en de losgewaaide koppen van de zee

en de losgekomen vlokken van de wind

 

rollende kruipende schuivende stukken

van een eiland dat voor even stilstaat

op de rand van de zee

 

hoeven vergruizelen het steen

de zee draagt het bot naar de kant

het zand koelt af in de wind

 

schuimvlokken meten de omvang

van een eiland dat tijdelijk ontstaat

onder de voetstap van een strandloper

 

buiten de wind boven de zee.